'Kritisch verankerd' in de omgeving
2 februari 2002

Hilde de Haan

ARCHITECTUUR, Sociaal Cultureel Centrum Den Bolder, Schoolstraat 19, Waspik. Ontwerp: Architectenbureau De Twee Snoeken / Wijnen Architectuur, Miel Wijnen. Gereed: december 2001.

Het Brabantse dorp Waspik is een hechte gemeenschap. Een paar jaar geleden werd het dorp bij Waalwijk ingelijfd. Vrijwel meteen besloot de Waalwijkse gemeenteraad het sociale hart van het dorp, Cultureel Centrum Den Bolder, te vervangen door pretentieuze nieuwbouw. Een 'bruidsschat' die niet door het hele dorp werd toegejuicht.

Hiervoor moest namelijk de oude school worden afgebroken die vanaf 1969 tot 1971 eigenhandig door enthousiaste dorpsjeugd was verbouwd tot jongerensociŽteit en ontmoetingscentrum. De nieuwbouw zou echter meer bevatten: een bibliotheek, een muziekschool en een multifunctionele theaterzaal. Peuters, pubers en bejaarden zouden zich er thuis in voelen; de fanfare zou een ereplaats krijgen. Een opeenstapeling van schone beloften, kortom, die al gauw tot een veelkoppig monster zou leiden.

Waspik is een dergelijke ramp bespaard gebleven. Dankzij de jonge architect Miel Wijnen - sinds oktober 2001 in het bezit van een eigen bureau - is het nieuwe Den Bolder bescheiden tussen de veelal vrijstaande villa's aan de Schoolstraat ingezet. Dat is bijzonder voor een gebouw met het respectabele oppervlak van ruim tweeduizend vierkante meter.

Het is ingenieus gedaan. De donkere baksteen, bijvoorbeeld, is met zorg gekozen, zodat de kleur verwant is met de omgeving maar de structuur zich er juist van onderscheidt. Die grovere structuur geeft stevigheid aan het bouwwerk terwijl de glazen voorpui op de bovenste bouwlaag toch een indruk van massaliteit voorkomt. Effectief is ook dat de totale bouwmassa schijnbaar is opgedeeld in verschillende stukjes. Aan weerszijden van een naar achter gelegen geveldeel springen twee blokken vooruit: links de bibliotheek en rechts het kantoor van de beheerder.

Dat kantoor heeft zelfs de expressieve vorm van een jaren dertig villa met een knipoog naar de vroeger grootmeester van baksteenarchitectuur W. M. Dudok. Zo voegt het zich in het ritme van de rest van de straat terwijl het tegelijkertijd een duidelijk deel is van Den Bolder.

Wijnen besloot pas na het conservatorium (klassiek gitaar) architect te worden. Na de TU in Eindhoven werkte hij eerst bij het Amsterdamse bureau Lafour en Wijk en vervolgens bij De Twee Snoeken in Den Bosch, gestoeld op de architectuurtheorie van de Benedictijner pater Dom Hans van der Laan. Hierdoor kreeg hij een gedegen kennis met name op het gebied van materiaalgebruik en harmonieuze maatvoering. Zijn doel nu: gebouwen kritisch verankeren in hun omgeving.

In zijn bureaudocumentatie citeert hij de dichter H.M. van den Brink: 'Zo bereik je harmonie: niet door gelijkheid, maar door een innige omhelzing van verschillen.' Hoe heilzaam die opvatting kan zijn, is vooral in het interieur van De Bolder te zien. Hier wordt de kern gevormd door een dubbelhoge hal die visueel met alle onderdelen van het gebouw is verbonden. Links is een ontmoetingsruimte, rechts het theater, en boven zijn open galerijen waarlangs bijvoorbeeld de muziekschool ligt.

Cruciaal is het feit dat de theaterzaal een balkon heeft gekregen. Want dankzij dat balkon kwam in de hal een luchtbrug die de muziekschool met de zaal verbindt. En daardoor ontstonden, onder balkon en brug, weer intieme plekken voor bars en balies. Het vormt een samenspel dat meer is dan de som der onderdelen.

Alleen de peuterzaal ligt apart, op een zonnig plekje in een uitbouw. Een bijzondere status die door een subtiel gebaar wordt onderstreept. De gang erheen loopt taps toe, iets wat zijn oorzaak vindt in de stedenbouwkundige situatie. Niet uitnodigend voor wie daar niet per se moet zijn.

Copyright: Architextburo